Uitspraak
4.De rechtbank overweegt als volgt.
15.Het beroep is ongegrond.
16.Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 augustus 2022
Rechtbank Limburg
Eiseres heeft een omgevingsvergunning milieu aangevraagd voor een wijziging van de jaarlijkse doorzet van dierlijke meststoffen. Verweerder heeft deze vergunning geweigerd na een BIBOB-toets, gebaseerd op persberichten en adviezen van het Landelijk bureau Bibob (LBB), die een ernstig gevaar signaleren dat de vergunning mede zal worden gebruikt voor strafbare feiten.
Eiseres stelde dat het besluit gebrekkig gemotiveerd was, dat verweerder niet op haar bezwaargronden was ingegaan, dat het gemeentelijk BIBOB-beleid niet was gevolgd, en dat de overtredingen te gering, te lang geleden en opgelost waren. De rechtbank oordeelde dat verweerder het besluit voldoende had gemotiveerd, het BIBOB-beleid juist had toegepast en dat de strafbeschikkingen en lasten onder dwangsom relevant en terecht waren betrokken bij de beoordeling van het ernstig gevaar.
De rechtbank stelde vast dat de overtredingen relevant waren voor de vergunningaanvraag en dat de combinatie van feiten ernstig genoeg was om de weigering te rechtvaardigen. Het tijdsverloop van de feiten deed hieraan niet af. Ook was geen sprake van dubbeltelling van feiten. De rechtbank concludeerde dat de weigering van de vergunning niet onevenredig was en dat het beroep ongegrond is verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de omgevingsvergunning milieu wordt ongegrond verklaard.