ECLI:NL:RBLIM:2023:2257
Rechtbank Limburg
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na beëindiging zaak bewindvoering en mentorschap
De wrakingskamer van de Rechtbank Limburg behandelde een verzoek tot wraking van een rechter door een partij in civiele zaken betreffende bewindvoering en mentorschap. Het verzoek werd ingediend nadat de onderliggende zaak was beëindigd doordat de verzoeker zijn vorderingen had ingetrokken.
Volgens artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een rechter worden gewraakt wegens feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid kunnen schaden, maar niet nadat de zaak is afgesloten. De wrakingskamer oordeelde dat het verzoek niet-ontvankelijk was omdat de zaak feitelijk was beëindigd.
De wrakingskamer baseerde zich ook op het Wrakingsprotocol van de rechtbank Limburg, waarin staat dat een wrakingsverzoek zonder inhoudelijke behandeling kan worden afgewezen als de zaak is beëindigd. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 30 maart 2023.
Uitkomst: Wrakingsverzoek afgewezen als niet-ontvankelijk wegens beëindiging van de onderliggende zaak.