Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
[handelsnaam 1],
[handelsnaam 2],
[gedaagde sub 2] ,
1.De procedure
- de dagvaarding van 24 maart 2021 met de producties 1 t/m 51,
- de conclusie van antwoord van [gedaagde sub 1] met de producties A t/m H,
- de conclusie van antwoord van [gedaagden sub 2 t/m 4] met de producties 1 t/m 8,
- de rolbeslissing van 28 juli 2021, waarbij de mondelinge behandeling is bepaald,
- de akte wijziging van eis met de producties 52 t/m 68,
- de rolbeslissing van 22 maart 2022, waarbij gedaagden de gelegenheid is geboden tot het nemen van een antwoordakte en aan partijen is bericht dat de oorspronkelijk geplande mondelinge behandeling geen doorgang vindt,
- de rolbeslissing van 6 april 2022, waarbij de mondelinge behandeling nader is bepaald,
- de antwoordakte van [gedaagde sub 1] met productie I,
- de antwoordakte van [gedaagden sub 2 t/m 4] ,
- de akte houdende overlegging producties van [eiser] met de producties 69 t/m 76,
- het proces-verbaal van mondelinge behandeling van 13 december 2022 waarbij door alle partijen spreekaantekeningen zijn voorgedragen, en de reacties van enerzijds [eiser] en anderzijds [gedaagde sub 1] op het proces-verbaal.
2.De feiten
Zwischenliquidation” van [gedaagde sub 1] aan Allianz gezonden, met onder andere een opgave van de nog te betalen advocaatkosten van [gedaagde sub 1] (productie 38, dagvaarding). De brief is door [gedaagden sub 2 t/m 4] namens [gedaagde sub 1] aan Allianz gezonden onder vermelding van [eiser] /Falkom.
Widerspruch” tegen dat arrest moet worden gemaakt.
3.Het geschil
4.De beoordeling
e-mailcorrespondentie niet zou zijn overgelegd. De rechtbank overweegt dat zij gemotiveerd hebben aangevoerd dat uit rechtsoverweging 2.2 e.v. van het tussenvonnis van de rechtbank Gelderland van 22 april 2015 (eveneens productie 26, dagvaarding) blijkt dat die rechtbank van relevante e-mailcorrespondentie kennis heeft genomen. In rechtsoverweging 2.2 van dat vonnis is samengevat te lezen waarover de correspondentie per e-mail tussen [eiser] en de heer [naam] van Falkom ging en in rechtsoverweging 2.4 e.v. van dat vonnis zijn citaten uit die mailberichten te lezen. Het moet er gelet hierop, met inachtneming van rechtsoverweging 4.1 van het arrest van het gerechtshof van 26 november 2019, voor worden gehouden dat in hoger beroep de inhoud van die e-mailberichten (impliciet) onderdeel is geweest van de beoordeling van de zaak in hoger beroep, hetgeen ook volgt uit het grievenstelsel waarbinnen het hoger beroep zich afspeelt en de devolutieve werking van het hoger beroep. Het gerechtshof heeft in rechtsoverweging 4.1. onder andere overwogen dat Falkom bekend was met het door [eiser] beoogde gebruik van de Scania in Duitsland. [eiser] toont niet aan welke concrete e-mailberichten niet zijn overgelegd, terwijl die in het procesdossier wel voorhanden waren, en toont evenmin aan dat de inhoud van die e-mailberichten tot een ander relevant oordeel en rechtsgevolg zou hebben geleid. De gestelde tekortkomingen zijn dan ook ongegrond en moeten worden verworpen.
TÜV-Abnahme mit Gutachten/CoC-Papier, damit Fahrzeug in Deutschland zugelassen werden kann." Het gerechtshof ging er bij de conformiteitstoets aan artikel 7:17 BW Pro derhalve ook vanuit dat de Scania moest voldoen aan de wettelijke voorschriften voor gebruik als sleepwagen in Duitsland. De maximaal toegestane vooraslast was overigens in Duitsland en Nederland gelijk (rechtsoverweging 4.2 van het arrest). Het hof heeft voorop gesteld dat de Scania in 1996 is gekeurd en sindsdien met respect voor de wettelijke eisen is gebruikt. Op grond van die feiten, zoals door het gerechtshof overwogen, is geoordeeld dat de Scania ten tijde van de levering aan de koopovereenkomst voldeed en gelet hierop zou ook het toetsingskader van WKV niet tot een ander oordeel hebben geleid. Ook in artikel 35 WKV Pro is bepaald dat de verkoper verplicht is tot aflevering van zaken die aan de overeenkomst beantwoorden en aan welke eisen de te leveren zaken dienen te beantwoorden. Zelfs indien ten onrechte geen beroep zou zijn gedaan op het WKV was dat voor de uitkomst van het geschil niet relevant. De door [eiser] gestelde tekortkoming wordt dan ook verworpen.
ook in hoger beroep hebben [gedaagde sub 1] en [gedaagden sub 2 t/m 4] een en ander niet, dan wel onvoldoende met hem besproken”, is dan ook te vaag en onvoldoende onderbouwd. Zij wordt als ongegrond verworpen.
is vergeten” en dat hij niet tijdig cassatie heeft ingesteld (proces-verbaal van mondelinge behandeling, p. 4, 3e alinea). Gelet hierop heeft hij als advocaat van [eiser] niet de zorgvuldigheid betracht die van een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot mag worden verwacht. De verplichting van een advocaat om een hem opgedragen zaak met zorg te behandelen, brengt in beginsel immers mee dat hij zich daarbij niet beperkt tot de verrichtingen waarom zijn cliënt uitdrukkelijk gevraagd heeft, maar dat hij zelfstandig beoordeelt wat voor de zaak van nut kan zijn en daarnaar handelt. [gedaagden sub 2 t/m 4] had het arrest van het gerechtshof van 26 november 2019 tijdig met [eiser] moeten bespreken en heeft door dit na te laten, niet met [eiser] kunnen kortsluiten of - al dan niet - cassatie tegen dit arrest moest worden ingesteld. [gedaagden sub 2 t/m 4] is op dit punt dan ook toerekenbaar tekort geschoten in de uitvoering van de overeenkomst van opdracht. Toch kan die beroepsfout niet tot toewijzing van de gevorderde schadevergoeding lijden en wel op grond van het navolgende.
6.612,50(2,5 punten × tarief VI € 2.645,00)
dagtekening van dit vonnis, op de wijze zoals in de beslissing vermeld.
6.612,50(2,5 punten × tarief VI € 2.645,00)
betekening van dit vonnis, op de wijze zoals in de beslissing vermeld.