Heemwonen sloot op 6 december 2018 een huurovereenkomst met [naam onderbewindgestelde] voor een zelfstandige sociale huurwoning. De huurovereenkomst bevatte algemene huurvoorwaarden en een gedragsaanwijzing waarin onder meer werd bepaald dat de woning uitsluitend als woonruimte mag worden gebruikt en dat onderverhuur en inschrijving van derden zonder toestemming verboden zijn.
In maart en mei 2023 voerden toezichthouders bestuurlijke controles uit waarbij werd vastgesteld dat de woning werd gebruikt voor illegale prostitutie. Tijdens deze controles verbleven meerdere personen in de woning die seksuele diensten aanboden zonder vergunning. [Naam onderbewindgestelde] ontkende aanvankelijk kennis te hebben van deze activiteiten, maar zijn verweer werd door de rechtbank als ongeloofwaardig beoordeeld. Tevens bleek dat hij geld ontving voor het verblijf van deze personen en dat meerdere personen zonder toestemming op zijn adres stonden ingeschreven.
Heemwonen vorderde ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning. De rechtbank oordeelde dat [naam onderbewindgestelde] zich niet als een goed huurder had gedragen en meerdere verplichtingen uit de huurovereenkomst had geschonden. Het toelaten van illegale prostitutie vormt een ernstige tekortkoming die ontbinding rechtvaardigt. Ondanks het zwaarwegend belang van [naam onderbewindgestelde] bij het behoud van zijn woning, werd de ontbinding toegewezen en werd hij veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen. Ook werd de bewindvoerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten.