ECLI:NL:RBLIM:2024:2608
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek naturalisatie wegens twijfel aan identiteit en nationaliteit ondanks echt paspoort
Eiser, met de Burundese nationaliteit, verzocht om naturalisatie tot Nederlander. Verweerder wees dit verzoek af omdat het duplicaat van de identiteitskaart, vermeld in het paspoort van eiser, vals bleek te zijn, waardoor twijfel ontstond over de identiteit en nationaliteit van eiser.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht uitging van de verklaring van Bureau Documenten en dat de twijfel aan de identiteit en nationaliteit van eiser niet door hem was weggenomen. Hoewel het paspoort echt was, was het gebaseerd op een vals duplicaat identiteitsbewijs, wat reden gaf voor de twijfel.
Eiser stelde dat hij niet gehoord was en dat het besluit onzorgvuldig was genomen. De rechtbank constateerde dat verweerder de hoorplicht had geschonden, maar paste het gebrek met toepassing van artikel 6:22 Awb Pro wegens het ontbreken van nadeel voor eiser. Tevens werd een immateriële schadevergoeding toegekend vanwege overschrijding van de redelijke termijn.
Het beroep werd ongegrond verklaard, waarmee de afwijzing van het naturalisatieverzoek in stand bleef. De Staat werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om naturalisatie wordt afgewezen wegens twijfel aan identiteit en nationaliteit.