Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
2.Waar gaat het over?
- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2007;
- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2012.
Rechtbank Limburg
De man verzocht de rechtbank om de kinderalimentatie te wijzigen en op nihil te stellen vanwege gewijzigde omstandigheden, waaronder een co-ouderschapsregeling sinds november 2022 en zijn verminderde draagkracht. De vrouw betwistte dit verzoek en stelde dat partijen bewust waren afgeweken van de wettelijke maatstaven bij de oorspronkelijke afspraak in 2016.
De rechtbank onderzocht of sprake was van een bewuste afwijking van de wettelijke maatstaven ten gunste van de kinderen en concludeerde dat dit onvoldoende was onderbouwd. Partijen hadden onderhandeld en een redelijke verdeling van de behoefte van de kinderen vastgesteld, zonder dat de man bewust van de wettelijke maatstaven was afgeweken.
Vervolgens werd de alimentatieberekening herzien op basis van de gewijzigde omgangsregeling en draagkracht van beide ouders. De man heeft een draagkracht van €611 per maand, de vrouw €785. De gezamenlijke draagkracht is voldoende om de kosten van de kinderen te dekken. Na toepassing van zorgkortingen en indexering bepaalde de rechtbank de nieuwe kinderalimentatiebedragen per 15 mei 2023 en per 1 januari 2024.
De vrouw hoeft de te veel ontvangen alimentatie niet terug te betalen omdat deze aan de kinderen is besteed. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en partijen dragen elk hun eigen proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt de kinderalimentatie met ingang van 15 mei 2023 en wijst het verzoek voor het overige af.