Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.Het verloop van de procedure
2.Het verzoek en het verweer
€ 57.940,04 verdeeld over 26 concurrente schuldeisers en 2 preferente schuldeisers. De schuld aan verweerder bedraagt € 8.229,26 zijnde ongeveer 14,20 % van de totale schuldenlast.
3.De beoordeling
- (lid 1, onder b:) dat hij “te goeder trouw” is geweest bij de schulden die in de laatste drie jaren zijn ontstaan of die in die periode onbetaald zijn gelaten, en
- (lid 1, onder c:) dat hij de verplichtingen die bij de schuldsaneringsregeling horen, kan en zal nakomen en zich zal inspannen om zoveel mogelijk geld voor de boedel te verwerven (ten behoeve van de schuldeisers).