Eiseres heeft namens haar dochter beroep ingesteld tegen de beslissing van het Schadefonds Geweldsmisdrijven om een uitkering van € 5.000,- toe te kennen op grond van letselcategorie 3 van de Letsellijst. Eiseres betoogt dat de uitkering te laag is vanwege verzwarende omstandigheden, waaronder de jonge leeftijd en kwetsbaarheid van haar dochter, het feit dat het misdrijf in een beschermde setting plaatsvond en de besmetting met een seksueel overdraagbare ziekte.
De rechtbank overweegt dat het Schadefonds beleidsruimte heeft bij het toekennen van uitkeringen en dat het beleid, zoals neergelegd in de Beleidsbundel en de Letsellijst, niet onredelijk is. De letselcategorie wordt bepaald door het meest ernstige letsel, in dit geval psychisch letsel. De rechtbank oordeelt dat de omstandigheden door het Schadefonds voldoende zijn meegewogen en dat voor een hogere letselcategorie sprake moet zijn van een aanzienlijk ernstiger misdrijf, bijvoorbeeld stelselmatig seksueel misbruik over langere tijd.
Verder is van belang dat een deel van de psychische klachten van de dochter voortkomt uit eerdere traumatische ervaringen, waardoor niet alle klachten aan het zedenmisdrijf kunnen worden toegerekend. De rechtbank acht het beleid en de toegepaste letselcategorie passend en wijst het beroep af. Eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding en het griffierecht wordt niet teruggegeven.