ECLI:NL:RBLIM:2026:1050
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke handhaving last onder dwangsom voor illegale paardenstal in strijd met bestemmingsplan
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Maastricht om een last onder dwangsom in stand te laten voor een kunststof paardenstal die zonder vergunning is geplaatst in strijd met het bestemmingsplan. De rechtbank beoordeelt dat de paardenstal als een gebouw moet worden aangemerkt en dat het plaatsen ervan een overtreding vormt van het bestemmingsplan en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
De rechtbank stelt vast dat verweerder bevoegd was om handhavend op te treden en dat de last onder dwangsom terecht is opgelegd. De intrekking van de last onder dwangsom voor het gebruik van het perceel als paardenweide is niet onderdeel van het geding, noch de last voor de container die reeds is verwijderd. De rechtbank oordeelt dat de gemaakte knip in de last onder dwangsom voldoende is gemotiveerd en niet in strijd is met het zorgvuldigheids- en evenredigheidsbeginsel.
Verder is er geen sprake van concreet zicht op legalisatie en is het handhavend optreden niet onevenredig. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de vergelijkbare paardenstallen elders niet in een ecologisch waardevol gebied liggen en een andere bestemming hebben. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en laat het besluit in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het in stand laten van de last onder dwangsom voor de paardenstal wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.