Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.[eiser] ,2. [eiseres] ,
1.De procedure
- de conclusie van antwoord
2.De feiten
(…)
3.Het geschil
4.De beoordeling
nadat bovengrondse obstakels zijn verwijderd, en
ten aanzien waarvan zal worden voorzien van een aansluitmogelijkheid voor (VWA-) riolering, water, elektriciteit, en
waarop of waarin zich geen stoffen bevinden in concentraties welke de eisen van het terzake bevoegde gezag voor gronden met de bestemming “Wonen” overschrijden, en
dat overigens beantwoordt aan de definitie van “Bouwterrein”, zoals opgenomen in de Wet op de Omzetbelasting 1968.”
indien de dwaling te wijten is aan een inlichting van de wederpartij, tenzij deze mocht aannemen dat de overeenkomst ook zonder deze inlichting zou worden gesloten;
indien de wederpartij in verband met hetgeen zij omtrent de dwaling wist of behoorde te weten, de dwalende had behoren in te lichten;
indien de wederpartij bij het sluiten van de overeenkomst van dezelfde onjuiste veronderstelling als de dwalende is uitgegaan, tenzij zij ook bij een juiste voorstelling van zaken niet had behoeven te begrijpen dat de dwalende daardoor van het sluiten van de overeenkomst zou worden afgehouden.