Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- het verzoekschrift van de man, binnengekomen bij de griffie op 8 april 2025;
- het verweerschrift tevens inhoudende zelfstandige verzoeken van de zijde van de vrouw, binnengekomen bij de griffie op 24 juni 2025;
- het verweerschrift op de zelfstandige verzoeken van de zijde van de man, binnengekomen bij de griffie op 4 augustus 2025;
- een bericht van de zijde van de man, binnengekomen bij de griffie op 12 augustus 2025;
- het aanvullend en gewijzigd verzoek van de zijde van de man, binnengekomen bij de griffie op 20 januari 2026.
- het F9-formulier met aanvullende stukken van de zijde van de vrouw, binnengekomen bij de griffie op 10 februari 2025;
- het F9-formulier met aanvullende stukken van de zijde van de man, binnengekomen bij de griffie op 18 februari 2026.
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat.
2.De feiten
3.De beoordeling
- een weekend per veertien dagen van vrijdag 18.00 uur tot zondag 18.00 uur;
- tijdens de zomervakantie gedurende 3 weken aaneengesloten;
- de gehele tweewekelijkse meivakantie, gelet op zijn beperkte vakantiedagen;
- de overige vakanties zullen de kinderen bij de vrouw verblijven.
- de kinderen gaan wekelijks op zaterdag om 12.00 uur naar de man en worden op dinsdag door de man op school afgezet.
- op dinsdag haalt de vrouw de kinderen weer van school.
- op maandag zal de vrouw de kinderen om 14.45 uur van school halen, hen verzorgen en begeleiden naar sportactiviteiten, zoals ook op donderdag het geval is;
- maandag wordt als extra zorgdag aan de man toegekend;
- de zorg tijdens schoolvakanties wordt voor het hele jaar vooraf vastgelegd, hierop stemmen de ouders hun vakantieplanning af;
- de vrouw wenst 50/50 verdeling van de zorgvakanties;
- de vrouw kan in de zomervakantie maximaal 3 weken vakantie opnemen.
- te bepalen dat de gezamenlijke woning van partijen te [woonplaats] aan [adres] dient te worden verkocht aan een derde en dat de verkoopopbrengst na aftrek van de kosten verbonden aan de verkoop en na verrekening van de hypothecaire geldlening, tussen partijen bij helfte dient te worden verdeeld en dat de vrouw wordt veroordeeld om volledige medewerking te verlenen aan de verkoop van de woning, waarbij die medewerking zal bestaan uit:
- de verkoopmakelaar [makelaar] te [geboorteplaats 1] en diens medewerkers en ingezette derden toegang te verlenen tot de woning ter voorbereiding van de verkoopwerkzaamheden waaronder maar niet beperkt tot het maken van foto’s in en om de woning;
- de woning ten behoeve van een dergelijke fotosessie in ordentelijke staat te brengen;
- de sleutels van de woning af te geven aan de makelaar ten behoeve van bezichtigingen;
- de woning in ordelijke staat te brengen;
- de verplichting om op verzoek van de makelaar de woning te verlaten en daarin niet terug te keren gedurende bezichtigingen ten behoeve van de verkoop;
- het ondertekenen van het (voorlopig) koopcontract en de akte van levering/overdracht bij de notaris;
- de man vervangende toestemming te verlenen c.q. deze beschikking in de plaats te laten komen van de instemmende wilsverklaring van de vrouw, voor hetgeen waartoe de vrouw hiervoor wordt veroordeeld, indien de vrouw niet op het eerste verzoek van de man medewerking verleent en te bepalen dat deze beschikking op grond van artikel 3:300 lid 2 BW Pro mede in de plaats zal treden van de door de makelaar op te stellen overeenkomst van (verkoop)opdracht en de koopovereenkomst alsmede door de notaris op te stellen akte van levering met betrekking tot voornoemde woning, voor zover het betreft het verlenen van toestemming van de man tot die verkoop en notariële levering;
- althans een zodanige verdeling van de woning vast te stellen als de rechtbank in goede justitie vermeent te behoren.
- de vrouw te veroordelen om een gebruiksvergoeding aan de man te voldoen met ingang van 17 april 2025 van € 250,- totdat de woning zal zijn geleverd aan een derde, althans een zodanige gebruiksvergoeding vast te stellen als de rechtbank in goede justitie vermeent te behoren;
- te bepalen dat de schuld van partijen aan de vader van de man van € 20.000,- en de beide schulden aan de Belastingdienst van in totaal € 4.533,- gezamenlijke schulden van partijen betreffen en de vrouw in de interne verhouding met de man is gehouden om de helft van deze schulden te voldoen en te bepalen dat de man een vordering op de vrouw heeft zodra hij meer dan de helft van deze schuld heeft voldaan ter hoogte van dat meerdere;
- te bepalen dat de vrouw aan de man dient te voldoen een bedrag van € 6.765,13 terzake door de man ten behoeve van de vrouw betaalde gebruikerslasten.
4.De beslissing
- een weekend per veertien dagen van vrijdag 18.00 uur tot zondag 18.00 uur;
- gedurende de helft van de vakanties, waarbij tijdens de zomervakantie gedurende drie weken aaneengesloten;