ECLI:NL:RBMAA:2000:AA8491
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatig niet tijdig beslissen op aanvraag arbeidsongeschiktheidsuitkering en vergoeding proceskosten
Eiser, een zelfstandige met een arbeidsongeschiktheidsuitkering, verzocht verweerder om een beslissing over de toekenning van wettelijke rente over een nabetaling. Verweerder stelde niet tijdig te hebben beslist, wat gelijkgesteld werd aan een besluit. De rechtbank oordeelde dat het niet tijdig beslissen onrechtmatig was, omdat meer dan twee jaar was verstreken zonder afdoende verklaring van verweerder.
De rechtbank stelde vast dat verweerder in strijd met de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geen inhoudelijke beslissing had genomen op het bezwaar over de wettelijke rente. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit voor zover het de wettelijke rente en de vergoeding van proceskosten betrof.
Verder werd overwogen dat de kosten van rechtsbijstand in de bezwaarfase in beginsel voor rekening van de belanghebbende zijn, tenzij het bestuursorgaan tegen beter weten in een onrechtmatig besluit heeft genomen. Gezien de ernstige overschrijding van de beslistermijn en het ontbreken van een afdoende verklaring, werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank bepaalde de vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in de bezwaarfase op f. 355,-- en de proceskosten van het beroep bij de rechtbank op f. 710,--, beide naar analogie van het Besluit proceskosten bestuursrecht. Tevens werd het betaalde griffierecht vergoed.
De uitspraak benadrukt het belang van tijdige besluitvorming door bestuursorganen en bevestigt de mogelijkheid tot vergoeding van proceskosten bij ernstige tekortkomingen in de primaire besluitvorming.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en veroordeelt het bestuursorgaan tot vergoeding van proceskosten wegens onrechtmatig niet tijdig beslissen.