ECLI:NL:RBMAA:2002:AE1711
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor het opzettelijk vervoeren van circa 10.000 XTC-tabletten naar België
De rechtbank Maastricht heeft op 18 april 2002 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het opzettelijk buiten Nederland brengen van circa 10.000 XTC-tabletten naar België. Verdachte voerde meerdere verweren aan, waaronder niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie en bewijsuitsluiting wegens onrechtmatige observaties en schending van het recht op een eerlijk proces. Deze verweren werden door de rechtbank verworpen.
De rechtbank baseerde haar oordeel op getuigenverklaringen van observanten en bewijsstukken, waaronder een Belgisch proces-verbaal. De verklaringen van verdachte werden als ongeloofwaardig beoordeeld, mede door de vondst van de pillen in een doos die verdachte aan een medeverdachte zou hebben overhandigd. Het bewezenverklaarde feit werd gekwalificeerd als een overtreding van de Opiumwet.
De rechtbank achtte de strafbaarheid van verdachte onomstotelijk bewezen en legde een gevangenisstraf van drie jaar op. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht. Daarnaast werd het inbeslaggenomen materiaal, waaronder een personenauto en kentekenbewijzen, verbeurd verklaard. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf voor het opzettelijk vervoeren van circa 10.000 XTC-tabletten naar België.