ECLI:NL:RBMAA:2005:AT2541
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling feitelijk leidinggeven bij illegale tewerkstelling van vreemdelingen
De rechtbank Maastricht heeft op 25 maart 2005 verdachte veroordeeld wegens het feitelijk leidinggeven aan het verrichten van arbeid door vreemdelingen zonder de vereiste tewerkstellingsvergunning, in strijd met de Wet arbeid vreemdelingen. De feiten betreffen drie tijdstippen waarop verdachte als leidinggevende meerdere Poolse werknemers zonder vergunning heeft laten werken.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de feitelijke leiding had over de illegale arbeid, ondanks het verweer van de raadsman dat verdachte niet de leiding had maar slechts kwaliteitscontrole uitvoerde. Diverse getuigenverklaringen bevestigden dat verdachte de werknemers aanstuurde en opdrachten gaf.
De rechtbank stelde vast dat opzet niet vereist is voor de overtredingen en verwierp het verweer dat verdachte niet op de hoogte was van de verboden gedragingen. Verdachte werd veroordeeld tot geldboetes en gevangenisstraffen van een week, die voorwaardelijk werden opgelegd met een proeftijd van twee jaar.
De strafrechtelijke kwalificatie betrof overtredingen van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen. De rechtbank legde de straffen mede op vanwege de ernst van de feiten en het feit dat verdachte ondanks eerdere controles zijn activiteiten voortzette.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot geldboetes en voorwaardelijke gevangenisstraffen wegens feitelijk leidinggeven aan illegale arbeid van vreemdelingen.