ECLI:NL:RBMAA:2005:AU7801
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst na berusting in ontslag niet-ontvankelijk verklaard
De werkgever, FLOWWW B.V., verzocht de rechtbank Maastricht om de arbeidsovereenkomst met de werknemer te ontbinden wegens gewichtige redenen, omdat de functie van sales & personal assistant niet zou worden gecreëerd. De werknemer stelde dat de arbeidsovereenkomst reeds was geëindigd door opzegging van de werkgever op 1 november 2005 en dat zij zich had neergelegd bij deze beëindiging.
De werkgever betoogde dat de arbeidsovereenkomst vanaf 25 september 2005 stilzwijgend was voortgezet en dat er geen sprake was van een onverwijlde opzegging. De werknemer maakte aanspraak op een gefixeerde schadevergoeding wegens onregelmatige opzegging.
De kantonrechter oordeelde dat sinds 16 november 2005 geen arbeidsovereenkomst meer bestond, omdat de werknemer zich had neergelegd bij de beëindiging. De werkgever kon de arbeidsovereenkomst die reeds was geëindigd niet eenzijdig herstellen. Het verzoek tot ontbinding had daarom geen belang meer en werd niet-ontvankelijk verklaard. De werkgever werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de arbeidsovereenkomst reeds was geëindigd.