ECLI:NL:RBMAA:2006:AW8040
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke geldboete wegens niet voldoen aan verwijderingsbevel onder geldige noodverordening
Op 9 januari 2006 werd verdachte in Schinveld, gemeente Onderbanken, geconfronteerd met een geldige noodverordening die het betreden van een bosgebied verbood vanwege dreiging van ernstige wanordelijkheden bij een bomenkapactie. Ondanks meerdere verwijderingsbevelen door de Koninklijke Marechaussee, gaf verdachte hier geen gehoor.
De verdediging voerde aan dat de noodverordening niet rechtsgeldig was vanwege het ontbreken van een terechte vrees voor wanordelijkheden, schending van proportionaliteits- en subsidiariteitsbeginselen en een ongeldige bekrachtiging door de Commissaris van de Koningin. De politierechter verwierp deze bezwaren en oordeelde dat de noodverordening terecht was afgekondigd en bekrachtigd.
Verder stelde de verdediging dat het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk moest worden verklaard wegens schending van Duitse soevereiniteit en overschrijding van de maximale ophoudingsduur. Ook deze bezwaren werden verworpen omdat de verdachte door Nederlandse ambtenaren was aangehouden en de ophouding binnen de wettelijke termijn bleef.
De politierechter verklaarde verdachte schuldig aan het opzettelijk niet voldoen aan het verwijderingsbevel en legde een voorwaardelijke geldboete van €240,- op, met een proeftijd van twee jaar. De straf werd verzacht vanwege het vreedzame karakter van de demonstratie en het ontbreken van verzet tegen de Marechaussee.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van €240,- wegens het niet opvolgen van een verwijderingsbevel onder een geldige noodverordening.