ECLI:NL:RBMAA:2006:AY8416
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag van rechtsvervolging wegens noodtoestand bij overtreden Flora- en faunawet
Op 24 juli 2003 had verdachte in de gemeente Sittard-Geleen meerdere beschermde dieren onder zich, wat in strijd was met de Flora- en faunawet. Verdachte drijft een hulpcentrum voor wilde dieren en beschikte niet over een vergunning om deze dieren langer dan 12 uur te houden. Tot 23 juli 2003 gold een vervoers- en verzamelverbod voor deze vogels, waardoor het feitelijk onmogelijk was de dieren elders onder te brengen.
De economische politierechter acht bewezen dat verdachte de dieren onder zich had, maar erkent dat verdachte een beroep op overmacht kan doen vanwege de noodtoestand. Verdachte had een zorgplicht voor de dieren en mocht deze niet weigeren, omdat dat het risico op verspreiding van de vogelpest zou vergroten. Bovendien was de opvang op het moment van de inval adequaat en werd een juiste afweging gemaakt tussen wettelijke verplichtingen.
De rechter verklaart de dagvaarding deels nietig voor dieren die niet beschermd zijn en ontslaat verdachte van alle rechtsvervolging. De vordering van de officier van justitie tot een voorwaardelijke geldboete wordt afgewezen. De uitspraak benadrukt het belang van een redelijke termijn voor plaatsing van dieren en het afwegen van dierenwelzijn tegen wettelijke verbodsbepalingen.
Uitkomst: Verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging wegens gegrond beroep op overmacht (noodtoestand).