ECLI:NL:RBMAA:2006:BA0351
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.G.M. Jansberg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkheidsverklaring bezwaar ziekengeld door UWV
Eiser maakte bezwaar tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) om zijn ziekengeld te beëindigen per 14 juni 2004. Het bezwaar werd door het UWV niet-ontvankelijk verklaard omdat het zou zijn gericht tegen een niet-appelabel besluit van 22 september 2004, terwijl het oorspronkelijke besluit van 9 juni 2004 niet was bestreden.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van 9 juni 2004 niet op de juiste wijze aan eiser was bekendgemaakt, waardoor de bezwaartermijn niet was gestart op 10 juni 2004. Hierdoor was het bezwaar van 29 september 2004 tijdig ingediend. Het UWV had het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en droeg het UWV op een nieuw besluit te nemen. Tevens werd aan eiser het betaalde griffierecht en de kosten van rechtsbijstand toegekend.
De uitspraak benadrukt het belang van correcte bekendmaking van besluiten en de bescherming van de bezwaartermijn voor belanghebbenden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het niet-ontvankelijkheidsbesluit van het UWV wordt vernietigd.