ECLI:NL:RBMAA:2006:BB1158
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.E.A. Willemsen
- R.E. Bakker
- A.W. Oosterman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling subsidievaststelling en terugvordering ESF-doelstelling 4 wegens onvoldoende projectadministratie
De Provincie Limburg diende een aanvraag in voor subsidie vanuit het Europees Sociaal Fonds (ESF) doelstelling 4, gericht op scholing voor behoud van werk. Subsidie werd toegekend, maar na signalen over mogelijke onrechtmatige besteding werd onderzoek ingesteld. Het Bijzonder Onderzoeksteam (BOT) concludeerde dat de projectadministratie, gevoerd door Abb, onvoldoende inzichtelijk was, met gebrekkige financiële onderbouwing en manipulatie van urenregistraties.
De Provincie voerde aan dat Abb slechts een coördinerende rol had en dat de deelprojectadministraties volledig en goedgekeurd waren door accountants. Desondanks stelde de rechtbank vast dat de overkoepelende projectadministratie niet voldeed aan de eisen van artikel 13 van Pro de Subsidieregeling ESF-4, omdat deze niet inzichtelijk was en geen aansluiting had met interne financiële administratie.
De rechtbank oordeelde dat de Provincie als subsidieontvanger verantwoordelijk is voor een juiste en volledige projectadministratie en dat het ontbreken daarvan rechtvaardigt dat de subsidie deels wordt ingetrokken en teruggevorderd. Het beroep van de Provincie werd ongegrond verklaard. De uitspraak benadrukt het belang van een gedegen en controleerbare administratie bij subsidieprojecten.
Uitkomst: Het beroep van de Provincie wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van € 552.992,91 subsidie bevestigd.