ECLI:NL:RBMAA:2008:BC6120
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid officier van justitie wegens onbevoegd dagvaarden door parketsecretaris
De zaak betreft de vraag of het uitbrengen van een verkorte dagvaarding kan worden opgedragen aan een andere bij het parket werkzame medewerker dan de officier van justitie, zoals een parketsecretaris. De verdachte werd gedagvaard voor winkeldiefstal met een verkorte dagvaarding zonder handtekening van de officier van justitie, uitgereikt door een parketsecretaris.
De politierechter onderzocht het mandaatbesluit van het arrondissementsparket Maastricht, waarin bevoegdheden aan parketsecretarissen zijn gemandateerd, afhankelijk van hun schaalniveau en zaakcategorieën. De zaak werd gekwalificeerd als een A-zaak, waarvoor overleg tussen parketsecretaris en officier van justitie vereist is bij dagvaarding. In deze zaak vond dat overleg niet plaats.
De politierechter oordeelde dat het uitbrengen van een verkorte dagvaarding een vervolgingsbeslissing is die niet zonder schriftelijk mandaat en zonder overleg mag worden gedelegeerd. De procedure was niet conform het mandaatbesluit en de verslaglegging was onvoldoende. Hierdoor is de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van de verdachte.
Uitkomst: De officier van justitie is niet-ontvankelijk verklaard wegens onbevoegd dagvaarden door een parketsecretaris zonder schriftelijk mandaat en overleg.