ECLI:NL:RBMAA:2009:BI3157
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering tot schadevergoeding na aanrijding met onrechtmatige daad
De zaak betreft een vordering tot schadevergoeding na een aanrijding op 14 juli 2007 tussen het rijdende voertuig van gedaagde en het stilstaande voertuig van eiser. Eiser heeft een minnelijke regeling geprobeerd te treffen, waarbij hij een voorstel deed van €750,00 en later een taxatierapport overlegd van €946,05 voor herstelkosten. De kantonrechter acht dit rapport voldoende onderbouwd.
Tijdens de procedure heeft eiser een getuige laten horen die de aanrijding bevestigde en het kenteken van het voertuig van gedaagde noteerde. De getuige verklaarde dat de schade aan het voertuig van eiser vers was en dat zij de bestuurder van het rijdende voertuig herkende als gedaagde. De kantonrechter achtte de verklaring geloofwaardig ondanks kleine inconsistenties.
De kantonrechter concludeert dat gedaagde een onrechtmatige daad heeft gepleegd in de zin van artikel 6:162 BW Pro en veroordeelt haar tot betaling van €946,05 plus wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding. De kosten van de procedure worden eveneens aan gedaagde opgelegd. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €946,05 schadevergoeding plus wettelijke rente en proceskosten.