ECLI:NL:RBMAA:2009:BQ5699
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens handel in harddrugs op grond van bestuursdwang
Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van de burgemeester van Maastricht om haar woning voor drie maanden te sluiten wegens de aanwezigheid van harddrugs en aanwijzingen voor drugshandel. Tijdens een politiehuiszoeking werd 56 gram heroïne, weegschalen en verpakkingsmateriaal aangetroffen, evenals meerdere personen in de woning. Eiseres stelde dat de drugs in tassen van anderen zaten en dat zij niet wist van handel.
De rechtbank oordeelde dat de bevoegdheid tot sluiting op grond van artikel 13b Opiumwet een bestuursrechtelijke maatregel is die niet afhankelijk is van strafrechtelijke veroordeling. De aanwezigheid van een handelshoeveelheid harddrugs en materialen voor handel rechtvaardigt sluiting. Het beleid van verweerder om direct tot sluiting over te gaan zonder waarschuwing is wettelijk toegestaan.
De rechtbank vond geen bijzondere omstandigheden die tot afwijking van het beleid noodzaakten. De termijn tussen huiszoeking en sluiting was niet onredelijk. Ook de stelling dat het EVRM artikel 8 de Pro sluiting zou verbieden werd verworpen. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek tot vergoeding van kosten en schade afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de sluiting van de woning wegens handel in harddrugs wordt ongegrond verklaard en de sluiting blijft gehandhaafd.