ECLI:NL:RBMAA:2010:BL7300
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing machtiging uithuisplaatsing gesloten jeugdzorg voor minderjarige ondanks formeel gebrek
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de rechtbank Maastricht om een machtiging tot uithuisplaatsing van een minderjarige in een accommodatie voor gesloten jeugdzorg toe te wijzen, na een eerder toegekende voorlopige machtiging. De raad overhandigde dezelfde instemmingsverklaring van de gedragswetenschapper als bij het eerdere verzoek, zonder recent onderzoek van de minderjarige, die destijds een gesprek had geweigerd. Voor het nieuwe verzoek was echter geen weigering gebleken.
De rechtbank constateerde dat het ontbreken van een nieuwe instemmingsverklaring een ernstig formeel gebrek vormde, maar besloot het verzoek niet af te wijzen omdat de overige stukken en verklaringen voldoende inzicht boden in de huidige situatie van de minderjarige. De minderjarige vertoonde ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen, was een gevaar voor zichzelf en zijn omgeving, en had een indicatie voor gesloten jeugdzorg.
De ouders, de minderjarige zelf en de advocaat onderschreven het belang van voortzetting van de gesloten jeugdzorg. De rechtbank beperkte de machtiging tot de periode waarin psychodiagnostisch en psychiatrisch onderzoek kon worden verricht (2 maart tot 1 mei 2010). Voor de resterende termijn werd het verzoek afgewezen, met de mogelijkheid voor een nieuw verzoek na afronding van de onderzoeken.
De beschikking werd in het openbaar uitgesproken door kinderrechter R.E. Bakker op 18 februari 2010. Hoger beroep is mogelijk bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: Verzoek tot machtiging uithuisplaatsing in gesloten jeugdzorg toegewezen voor beperkte termijn ondanks formeel gebrek.