ECLI:NL:RBMAA:2010:BL7679
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betalingsverplichting afnemer water ondanks budgetbeheerder en betalingsonmacht niet erkend
De zaak betreft een vordering van Waterleiding Maatschappij Limburg (WML) tegen gedaagde tot betaling van een openstaande hoofdsom van €455,13 vermeerderd met wettelijke rente. WML leverde drinkwater aan gedaagde en stelde dat de Algemene Voorwaarden Drinkwater van toepassing zijn. Gedaagde betwistte de betaling wegens financiële problemen en stelde dat betalingen via een budgetbeheerder (Kredietbank) lopen.
De rechtbank oordeelde dat het beroep op betalingsonmacht en de rol van de budgetbeheerder niet afdoen aan de betalingsplicht van gedaagde als contractant. WML heeft onvoldoende gesteld en onderbouwd dat de Algemene Voorwaarden rechtsgeldig zijn overeengekomen, waardoor de vordering niet mede daarop kan worden gebaseerd. De gevorderde rente over een bepaalde periode werd afgewezen omdat niet duidelijk was vanaf wanneer verzuim was ingetreden.
De rechtbank veroordeelde gedaagde tot betaling van de hoofdsom en wettelijke rente vanaf de datum van dagvaarding, en wees de vergoeding van buitengerechtelijke kosten af. Tevens werd gedaagde veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €455,13 plus wettelijke rente vanaf datum dagvaarding en proceskosten.