ECLI:NL:RBMAA:2010:BN9981
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering betaling koopsom brilmonturen wegens gebrek aan grondslag
De zaak betreft een vordering van een opticien, V@V, tot betaling van €566,50 door de koper van twee brilmonturen met glazen, die niet zijn afgenomen. V@V stelde dat de koper na een krediettermijn van 14 dagen van rechtswege in verzuim was geraakt en daarom tot betaling gehouden was. De koper verweerde zich met een beroep op een zogenoemde 'garantievoorwaarde' gekoppeld aan een aanvraag voor bijzondere bijstand, waardoor zij de monturen niet afnam.
De rechtbank oordeelde dat niet is gesteld of gebleken dat de koop onder opschortende of ontbindende voorwaarden is gesloten. De stellingen van de koper over een garantievoorwaarde werden niet aannemelijk geacht vanwege gebrek aan specificiteit en geloofwaardigheid. V@V had niet betwist dat zij met de koper over een betalingsregeling had gesproken, maar ontkende dat sprake was van een garantie.
De rechtbank stelde vast dat de koper gehouden is tot betaling, maar dat V@V niet had gevorderd dat de koper tot medewerking aan levering werd veroordeeld. Bovendien ontbrak het aan concrete stellingen over het intreden van verzuim, waardoor de vordering niet kon worden toegewezen. De nevenvorderingen, zoals wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten, werden eveneens afgewezen. De vorderingen werden integraal afgewezen wegens gebrek aan grondslag.
Uitkomst: De vordering tot betaling van de koopsom en nevenvorderingen wordt integraal afgewezen wegens gebrek aan grondslag.