ECLI:NL:RBMAA:2011:BR4391
Rechtbank Maastricht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Instemmingsrecht ondernemingsraad inzake extra verlofdagen bij Stichting Trajekt
Stichting Trajekt en haar ondernemingsraad (OR) waren in geschil over het instemmingsrecht van de OR met betrekking tot drie extra verlofdagen: carnavalsmaandag en -dinsdag, een halve dag op Goede Vrijdag en een halve dag op kerstavond. Trajekt stelde dat deze verlofdagen primaire arbeidsvoorwaarden zijn, waardoor de OR geen instemmingsrecht toekomt. De OR betoogde dat er een ondernemingsovereenkomst is gesloten die het instemmingsrecht van de OR uitbreidt.
De kantonrechter stelde vast dat sinds 1 februari 2003 de genoemde dagen als extra verlofdagen gelden en dat de OR in 2003, 2004 en 2009 telkens om instemming is gevraagd en deze ook heeft gegeven, wat wijst op een schriftelijke overeenkomst conform artikel 32 lid 2 WOR Pro. Zelfs als die schriftelijkheid niet zou gelden, is er sprake van een bindende mondelinge afspraak.
De cao bevat geen uitputtende regeling voor dit extra verlof, waardoor instemming van de OR vereist is. De kantonrechter verklaarde voor recht dat de OR instemmingsrecht heeft over deze extra verlofdagen en veroordeelde Trajekt tot betaling van proceskosten aan de OR.
Uitkomst: De ondernemingsraad heeft instemmingsrecht over de regeling van drie extra verlofdagen en Trajekt is veroordeeld tot betaling van proceskosten.