ECLI:NL:RBMAA:2011:BT8415
Rechtbank Maastricht
- Wraking
- J.H. Klifman
- W.J.J. Beurskens
- Y.J. Klik
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking rechter wegens vermeende partijdigheid in bestuursrechtelijke procedure
Verzoeker heeft bij brief van 19 september 2011 een verzoek tot wraking ingediend tegen de rechter die betrokken was bij bestuursrechtelijke procedures tegen gemeenten. Het verzoek volgde na een moeizaam afwegingsproces, mede doordat verzoeker zonder rechtsbijstand procedeerde. De wrakingskamer heeft vastgesteld dat het verzoek tijdig kon worden ontvangen gezien de omstandigheden.
De wrakingskamer heeft het verzoek inhoudelijk beoordeeld aan de hand van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 6 EVRM Pro. Verzoeker stelde dat de rechter zich tijdens een zitting op 2 november 2010 uitermate welwillend opstelde tegenover het college van burgemeester en wethouders, wat aanleiding zou geven tot vrees voor partijdigheid. Deze stelling kon echter niet concreet worden onderbouwd.
De rechter heeft toegelicht dat zijn kritische vragen tijdens de zitting pasten binnen zijn onderzoekende rol en dat het toelaten van stukken een aan de rechter voorbehouden beslissing is. De wrakingskamer concludeerde dat er geen feiten of omstandigheden zijn die een objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid rechtvaardigen.
Daarom is het verzoek tot wraking afgewezen. De procedure benadrukt het belang van tijdige indiening en het onderscheid tussen subjectieve en objectieve partijdigheid, waarbij het uitgangspunt onpartijdigheid van de rechter blijft.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van de rechter is afgewezen wegens het ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.