ECLI:NL:RBMID:2009:BJ3828
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding koopovereenkomst woonboot en matiging contractuele boete afgewezen
Partijen sloten in 2006 een koopovereenkomst voor een woonboot met afspraken over ontbinding en een contractuele boete bij niet-nakoming. De uiterste datum voor ontbinding werd in overleg vier keer verlengd tot 29 december 2006. Opposant heeft echter geen beroep gedaan op de ontbindende voorwaarde vóór deze datum.
Na het verstrijken van de termijn meldde opposant op 5 januari 2007 dat hij geen hypothecaire geldlening had kunnen verkrijgen. Geopposeerden stelden hem in gebreke en verkochten de woonboot aan een derde. Vervolgens ontbonden zij de overeenkomst en eisten betaling van de contractuele boete van 10% van de koopprijs.
Opposant voerde onder meer aan dat hij niet in verzuim was geraakt, dat de dagvaarding nietig was wegens het ontbreken van de maand in de zittingsdatum, en dat de boete gematigd moest worden vanwege een wanverhouding met de schade. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat de koopovereenkomst rechtsgeldig was, dat opposant in verzuim was gekomen en dat matiging van de boete niet gerechtvaardigd was.
De rechtbank verklaarde het verzet ongegrond, veroordeelde geopposeerden tot betaling van de extra kosten van de verzetprocedure en veroordeelde opposant in de proceskosten. De dagvaarding werd ondanks het formele gebrek niet nietig verklaard omdat opposant daardoor niet onredelijk in zijn belangen was geschaad.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard en opposant wordt veroordeeld tot betaling van de contractuele boete en proceskosten.