ECLI:NL:RBMID:2011:BP2164
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid oplegging tijdelijk huisverbod wegens huiselijk geweld
Eiser woont samen met zijn partner en vijf kinderen. Na ernstige relatieproblemen en een aangifte van mishandeling door eiser tegen zijn partner, heeft verweerder op 1 februari 2010 een tijdelijk huisverbod opgelegd voor tien dagen.
Eiser betwist de feiten waarop het huisverbod is gebaseerd en stelt dat de hoorplicht is geschonden en het huisverbod disproportioneel is. Verweerder stelt dat het huisverbod zorgvuldig is opgelegd op basis van het Risicotaxatie-instrument Huiselijk Geweld (RiHG) en een proces-verbaal van de hulpofficier van justitie, waarbij ook de zienswijze van eiser is betrokken.
De rechtbank oordeelt dat de hoorplicht niet is geschonden, het huisverbod gebaseerd is op voldoende feiten en omstandigheden die een ernstig en onmiddellijk gevaar voor de veiligheid van de partner en kinderen aannemelijk maken, en dat het huisverbod noodzakelijk en proportioneel was om escalatie te voorkomen.
Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard. De rechtbank benadrukt dat het huisverbod een spoedeisende maatregel is die niet vereist dat alle feiten onomstotelijk bewezen zijn, maar dat aannemelijk moet zijn dat het gevaar aanwezig is.
De uitspraak is gedaan door rechter I. Dijkman op 6 januari 2011.
Uitkomst: Het beroep tegen het huisverbod wordt ongegrond verklaard en het huisverbod wordt bevestigd.