ECLI:NL:RBMID:2011:BU9408
Rechtbank Middelburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beslaglegging op pensioenrechten ex-echtgenote blijft gehandhaafd
In deze civiele procedure staat de opheffing van een beslag centraal dat door de ex-echtgenote van gedaagde is gelegd op pensioenrechten onder een stichting die door haar voormalige echtgenoot wordt bestuurd. De ex-echtgenote wil haar recht op afstorting van haar pensioen aandeel veiligstellen.
De rechtbank weegt de belangen van partijen en stelt vast dat de ex-echtgenote een recht heeft op afstorting van haar pensioenrechten, gebaseerd op vaste jurisprudentie die vereist dat de beheerder van de pensioenstichting zorg draagt voor afstorting aan de ex-echtgenoot. De stelling van gedaagde dat het beslag het beheer frustreert en dat hij voldoende solvabel is om aan eventuele claims te voldoen, wordt niet aannemelijk gemaakt.
De rechtbank wijst het verzoek tot opheffing van het beslag af omdat het belang van de ex-echtgenote bij zekerheid van haar vordering zwaarder weegt dan het belang van gedaagde bij opheffing. Tevens wordt een belanghebbende partij toegestaan zich aan te sluiten bij de hoofdzaak. De procedure wordt voortgezet met een comparitie ter zitting.
Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van het beslag wordt afgewezen en voeging wordt toegestaan.