Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting op 31 januari 2013;
- het proces-verbaal van aangifte van[slachtoffer]
5.Bewezenverklaring
- bivakmutsen opgedaan en
- op het moment dat die[slachtoffer] haar woning wilde verlaten de schouders en bovenarmen van die[slachtoffer] vastgepakt en vervolgens de woning van die[slachtoffer] binnengedrongen en
- tegen het borstbeen van die[slachtoffer] geduwd en/of die[slachtoffer]
- die[slachtoffer] op de grond geduwd en op het hoofd van die[slachtoffer] geduwd teneinde die[slachtoffer] te dwingen op de grond te blijven liggen en
- terwijl die[slachtoffer] op de grond lag met een wapenstok en/of een koevoet, althans een hard voorwerp, meermalen tegen het lichaam van die[slachtoffer] geslagen en
- terwijl die[slachtoffer] op bovenomschreven wijze in bedwang werd gehouden de
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
- een verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie d.d. 14 december 2012.
- een ten behoeve van verdachte opgesteld Pro Justitia rapport van psycholoog L.R. Sutorius d.d. 27 januari 2013, waaruit volgt dat bij verdachte sprake lijkt te zijn van een gestagneerde persoonlijkheidsontwikkeling waarbij sprake is van schijnaangepastheid. Het gedrag van verdachte ten tijde van het delict komt voort uit een interactie tussen een primair op zichzelf gericht zijn en een gebrek aan empathie. Bij verdachte is sprake van een gebrekkige stoornis in de geestesvermogens in de vorm van een persoonlijkheidsstoornis NAO (niet anders omschreven) met narcistische en ontwijkende trekken. Deze stoornis is van invloed geweest op het tenlastegelegde. Geadviseerd wordt om verdachte als enigszins verminderd toerekeningsvatbaar te beschouwen. Voorts wordt geadviseerd tot een ambulante behandeling, nu een klinische behandeling gezien de structuur in het leven van verdachte gecontra-indiceerd is.
9.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
28 (achtentwintig) maanden.
10 (tien) maandenvan deze gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.
2 (twee) jarenvast.
- bivakmuts- bivakmutsen opgedaan en/of
- op het moment dat die[slachtoffer] haar woning wilde verlaten) de schouder(s)
- dreigend een breekijzer vlak voor die[slachtoffer] gehouden, en/of
- terwijl die[slachtoffer] op bovenomschreven wijze in bedwang werd gehouden) de