Verweerder stelde bij besluit van 4 oktober 2011 de tarieven voor beheervergoedingen agrarisch natuurbeheer voor 2012 vast, waarbij deze tarieven werden bevroren op het niveau van 2011. Eiseres maakte bezwaar tegen dit besluit, maar verweerder verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat eiseres geen belanghebbende zou zijn. De rechtbank oordeelde dat het besluit geen algemeen verbindend voorschrift is, maar een concretiserend besluit van algemene strekking, waardoor bezwaar en beroep mogelijk zijn.
De rechtbank stelde vast dat eiseres, hoewel geen directe begunstigde, een collectief belang behartigt dat rechtstreeks bij het besluit is betrokken. Dit belang betreft het waarborgen dat agrarische ondernemers financieel in staat zijn verantwoord agrarisch natuurbeheer te voeren. Verweerder had eiseres ten onrechte niet als belanghebbende aangemerkt en het bezwaar onterecht niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en beval verweerder een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en de proceskosten van eiseres. De rechtbank stelde geen termijn voor het nemen van het nieuwe besluit vanwege lopende gerelateerde zaken.