ECLI:NL:RBMNE:2013:7442
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Strafzaak over bezit en vervoer van hennep door exploitant van coffeeshops
De rechtbank Midden-Nederland behandelde de zaak tegen verdachte, eigenaar van twee gedoogde coffeeshops in Utrecht, die op 2 maart 2012 werd betrapt met ongeveer 1484 gram hennep in haar auto. De verdediging voerde aan dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard vanwege de al dertig jaar bestaande, gedoogde praktijk van hennepverkoop en bevoorrading van coffeeshops, terwijl het OM stelde dat het bezit en vervoer van hennep buiten de coffeeshop verboden blijft en vervolging gerechtvaardigd is.
De rechtbank oordeelde dat het bezit van bijna 1,5 kilogram hennep strafbaar is, maar dat het niet aan de rechter is om het gedoogbeleid te wijzigen. De vervolging was niet onredelijk of willekeurig, ondanks de paradox dat de exploitatie van coffeeshops wordt gedoogd, maar de bevoorrading strafbaar blijft. Verdachte bekende het feit en de rechtbank achtte dit wettig en overtuigend bewezen.
Hoewel de officier van justitie een werkstraf eiste, besloot de rechtbank toepassing te geven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht, waardoor verdachte wel schuldig werd verklaard maar geen straf of maatregel werd opgelegd. De rechtbank benadrukte dat de exploitatie van de coffeeshops een gedoogde activiteit is, maar dat het vervoer van hennep een strafbaar feit blijft, en dat verdachte bewust in dit spanningsveld opereert.
Uitkomst: Verdachte wordt schuldig verklaard aan het vervoeren van hennep, maar er wordt geen straf opgelegd.