De terbeschikkinggestelde is sinds 1997 onder dwangverpleging gesteld na een veroordeling voor poging tot verkrachting. De rechtbank heeft op 22 mei 2014 de verlenging van deze maatregel voor twee jaar uitgesproken, waarbij het advies van zowel de inrichting als onafhankelijke deskundigen leidend was.
De psychiatrische diagnose betreft een pervasieve ontwikkelingsstoornis met een intellectuele beperking en middelenmisbruik in remissie. De terbeschikkinggestelde vertoont beperkt inzicht in zijn ziektebeeld en blijft sociaal teruggetrokken. Het recidiverisico wordt binnen de huidige klinische setting als laag tot matig ingeschat, maar buiten deze setting als onaanvaardbaar hoog.
De verdediging voerde disproportionaliteit aan vanwege de lange duur van de maatregel, maar de rechtbank oordeelde dat gezien de ernst van het delict, de stoornis en het recidiverisico een verlenging gerechtvaardigd is. De rechtbank wees het verzoek om een kortere verlenging af en benadrukte het belang van de algemene veiligheid.