ECLI:NL:RBMNE:2014:4939
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. Pavićević
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke boete wegens onderbetaling bij arbeidsovereenkomst in BBL-opleiding
De zaak betreft een beroep tegen een bestuurlijke boete van €2.700,- opgelegd aan eiser wegens onderbetaling van loon aan [A], die werkzaamheden verrichtte in het kader van een Beroepsbegeleidende Leerweg (BBL)-opleiding. De kern van het geschil was of de relatie tussen eiser en [A] een arbeidsovereenkomst was of een stage-/leerovereenkomst.
De rechtbank stelde vast dat de overeenkomst en feitelijke omstandigheden wezen op een arbeidsovereenkomst, waarbij sprake was van gezagsverhouding, loonbetaling en verplichting tot arbeid. De door eiser aangevoerde argumenten voor het ontbreken van een arbeidsovereenkomst, zoals ongeoorloofd verzuim en niet-naleving van opzegtermijnen, werden verworpen.
De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht een bestuurlijke boete heeft opgelegd op grond van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag. De hoogte van de boete was conform beleidsregels vastgesteld en niet onredelijk. Het beroep werd ongegrond verklaard en het besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de bestuurlijke boete van €2.700,- blijft in stand.