Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 18 september 2013,
- de akte na tussenvonnis van [eiseres],
- de akte na tussenvonnis van UMCU.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
In deze civiele zaak vordert eiseres een immateriële schadevergoeding wegens een tekortkoming in de informatieplicht door het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU). Eiseres stelt dat zij ruim zeven jaar ongewis is gelaten over de oorzaak van ernstige gezondheidsklachten, wat haar leed heeft verergerd. Zij vordert €15.000 aan smartengeld, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 26 juni 1999.
UMCU erkent een tekortkoming maar betwist de hoogte van de vergoeding en de volledige wettelijke rente. Zij stelt dat de vertraging in de procedure niet aan haar kan worden toegerekend en biedt €10.000 inclusief rente aan. De rechtbank vergelijkt de zaak met een eerdere uitspraak uit 1999, waarin een bedrag van €4.538 werd toegekend voor een vergelijkbare situatie.
De rechtbank oordeelt dat de ernst van de ziekteverschijnselen een hogere vergoeding rechtvaardigt dan in de vergelijkbare zaak, maar niet de bijna drie keer zo hoge door eiseres gevorderde som. Daarom wordt €7.000 aan immateriële schadevergoeding toegekend, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum van het leed, 26 juni 1999. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: UMCU moet €7.000 smartengeld betalen met wettelijke rente vanaf 26 juni 1999.