Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.Beslissing
spreekt verdachte vrijvan het tenlastegelegde.
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 16 december 2014 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het opzettelijk telen en aanwezig hebben van hennepplanten en diefstal van elektriciteit in een woning te Utrecht.
De officier van justitie achtte de ten laste gelegde feiten bewezen op basis van een thermische camera vanuit een politieluchtvaartuig en een warmtescan van Stedin die een afwijkend warmtebeeld van de woning toonden. De woning werd op 16 april 2014 betreden en er werd een hennepkwekerij aangetroffen. De verdediging voerde aan dat het binnentreden onrechtmatig was en dat alleen de verklaring van medeverdachte verdachte met de kwekerij verbindt, zonder ander bewijs.
De rechtbank oordeelde dat het binnentreden gerechtvaardigd was en dat het bewijs gebruikt mocht worden. Echter, ondanks aanwijzingen en de verklaring van medeverdachte, ontbrak ander bewijs en werden geen sporen van verdachte in de kwekerij gevonden. Verdachte ontkende betrokkenheid en daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van betrokkenheid bij de hennepkwekerij en diefstal van elektriciteit.