Op 5 oktober 2014 pleegde verdachte te Almere diefstal met geweld en afpersing jegens het slachtoffer. Hij bedreigde het slachtoffer, nam diens mobiele telefoon, vest en bankpas weg en dwong hem tot het afgeven van pincodes onder dreiging van geweld.
Tijdens de terechtzitting op 13 januari 2015 werd verdachte bijgestaan door een raadsman en gaf hij gedeeltelijk toe. Getuigenverklaringen en camerabeelden ondersteunden de aangifte van het slachtoffer. Psychologisch onderzoek concludeerde dat verdachte licht verminderd toerekeningsvatbaar is en sociaal-emotioneel onrijp.
De rechtbank achtte toepassing van het jeugdstrafrecht passend en veroordeelde verdachte tot 120 dagen jeugddetentie, waarvan 69 dagen voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden, en een werkstraf van 60 uur, subsidiair 30 dagen jeugddetentie. Tevens werd verdachte veroordeeld tot schadevergoeding van €724,88 aan het slachtoffer, vermeerderd met wettelijke rente.
De straf en voorwaarden zijn gericht op speciale preventie en begeleiding om recidive te voorkomen. De rechtbank nam ook de positieve ontwikkeling van verdachte mee in haar beslissing.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Rechtbank Midden-Nederland te Lelystad op 27 januari 2015.