Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
op tegenspraakgewezen op vordering van de officier van justitie op grond van artikel 36e, lid 1, Wetboek van Strafrecht, in de zaak tegen:
1.De vordering
2.De grondslag van de vordering
medeplegen van handel in merkvervalste horloges.
3.Het standpunt van de verdediging
€ 504,00
4.795
€ 11.198,06
€ 65.952,18
4.Het oordeel van de rechtbank
5.De toepasselijke wettelijke voorschriften
6.De beslissing
€ 62.314,63 ( tweeënzestigduizend driehonderd en veertien euro en drieënzestig eurocent),