Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van de bewijsmiddelen
“terwijl in werkelijkheid het terug te betalen bedrag op de geldlening lager was”.
terwijl in werkelijkheid het terug te betalen bedrag op de geldlening lager wasleidt de rechtbank af dat het openbaar ministerie in dit verband uitgaat van reëel bestaande hypothecaire geldleningen, anders zou een zinsnede zijn opgenomen als: “
terwijl in werkelijkheid geen sprake was van een geldlening”.
het terug te betalen bedrag op de geldlening lager was”.
op die betreffende processen-verbaal betrekking hebbendefeiten en omstandigheden, aan de betrouwbaarheid van die processen-verbaal zou moeten worden getwijfeld. De wijze waarop verbalisant [F] de verklaringen van de getuige [getuige 1] heeft geverbaliseerd kan weliswaar aanleiding zijn om de overige door hem opgestelde processen-verbaal met de nodige behoedzaamheid te beoordelen, maar zonder nadere, op de concrete processen-verbaal toegesneden feiten en omstandigheden, is dit onvoldoende grond om alle processen-verbaal van verbalisant [F] uit te sluiten van het bewijs.
- [adres 1];
- [adres 2];
- [adres 3];
- [adres 4].
5.Bewezenverklaring
terwijl hij verdachte en zijn mededader telkens wisten, dat die voorwerpen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf;
6.Strafbaarheid van de feiten
7.Strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
9.Benadeelde partijen
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
1 jaar;