Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
- een gevangenisstraf van 120 dagen, met aftrek van voorarrest, waarvan 77 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren en de bijzondere voorwaarden -kort gezegd-: een meldplicht bij de reclassering en indien de reclassering dat nodig acht het meewerken aan een intake en een mogelijke behandeling bij een forensisch psychiatrische instelling;
- een werkstraf van 100 uren, met bevel, voor het geval dat verdachte de werkstraf niet naar behoren (heeft) verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 50 dagen.
9.Ten aanzien van de benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
,levert niet een onevenredige belasting van het strafgeding op. Het is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 199,29. De rechtbank heeft bij de hoogte van het bedrag rekening gehouden met het feit dat op 2 juli 2015 ook babyvoeding, ten bedrage van € 88,57, aan verdachte is verstrekt, maar dat deze datum buiten de bewezenverklaarde periode valt.
,levert niet een onevenredige belasting van het strafgeding op. Het is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 761,22.
,levert niet een onevenredige belasting van het strafgeding op. Het is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 177,15.
,levert niet een onevenredige belasting van het strafgeding op. Het is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 332,15.
,levert niet een onevenredige belasting van het strafgeding op. Het is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 61,61. De rechtbank heeft bij de hoogte van het bedrag rekening gehouden met het feit dat op 9 juli en 10 juli 2015 ook babyvoeding, ten bedrage van respectievelijk € 61,61 en € 191,19, aan verdachte is verstrekt, maar dat deze data buiten de bewezenverklaarde periode vallen.
,levert niet een onevenredige belasting van het strafgeding op. Het is komen vast te staan dat de benadeelde partij als gevolg van het hiervoor bewezen geachte feit rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank waardeert deze op € 442,86. De rechtbank heeft bij de hoogte van het bedrag rekening gehouden met het feit dat op 23 juni en 2 juli 2015 ook babyvoeding, ten bedrage van respectievelijk € 110,72 en € 88,57, aan verdachte is verstrekt, maar dat deze data buiten de bewezenverklaarde periode vallen.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
120 dagen.