ECLI:NL:RBMNE:2016:5303
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op hardheidsclausule ouderbijdrage Jeugdwet wegens onvoldoende bewijs van onbillijkheid
Eiseres is ouderbijdrage verschuldigd voor haar twee zoons die buiten haar gezin verblijven. Zij verzocht verweerder om toepassing van de hardheidsclausule vanwege hoge extra kosten, waardoor haar zoons zouden lijden door onvoldoende financiële draagkracht.
Verweerder gebruikte de Recofa-methode om de financiële situatie te beoordelen en concludeerde dat eiseres en haar echtgenoot voldoende inkomen hebben om de ouderbijdrage te betalen zonder dat dit het gezinsleven schaadt. De rechtbank oordeelt dat deze methode aanvaardbaar is en dat eiseres onvoldoende heeft aangetoond dat inning van de ouderbijdrage leidt tot onbillijkheid van overwegende aard.
De rechtbank stelt vast dat geen strijdigheid bestaat met artikel 3 IVRK Pro of artikel 8 EVRM Pro en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter C. Karman op 6 september 2016.
Uitkomst: Het beroep op de hardheidsclausule wordt ongegrond verklaard en de ouderbijdrage blijft verschuldigd.