Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.[eiser sub 1] ,
[eiser sub 2],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
300,00(2 punten x tarief € 150,00)
Rechtbank Midden-Nederland
Eiser heeft via een bemiddelaar een zelfstandige huurwoning gehuurd en betaalde een courtage van €1.119,25. Hij vordert terugbetaling van dit bedrag met wettelijke rente en incassokosten, stellende dat het courtagebeding vernietigbaar is omdat de bemiddelaar zowel voor de huurder als de verhuurder optreedt (het dienen van twee heren) en dit volgens artikel 7:417 lid 4 BW Pro niet is toegestaan.
De bemiddelaar betwist dat hij een overeenkomst met de verhuurder heeft gesloten en dat het courtagebeding vernietigbaar is. De rechtbank volgt echter het arrest van de Hoge Raad van 16 oktober 2015 en oordeelt dat de bemiddelaar inderdaad een bemiddelingsovereenkomst met zowel huurder als verhuurder heeft gesloten, ook al ontvangt hij geen loon van de verhuurder.
Het courtagebeding wordt vernietigd en het betaalde bedrag wordt als onverschuldigd beschouwd. De rechtbank wijst de vordering tot terugbetaling van de courtage, de wettelijke rente vanaf 27 november 2015 en de buitengerechtelijke incassokosten toe. De proceskosten worden aan de zijde van de bemiddelaar opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de bemiddelaar tot terugbetaling van de courtage met rente en incassokosten wegens vernietiging van het courtagebeding.