8.3Het oordeel van de rechtbank
Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van het bewezen verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals ter terechtzitting is gebleken.
De ernst van het feit
Verdachte, een 15-jarig meisje, heeft een pistool en twee scherpe patronen voorhanden gehad, omdat zij zich, zo heeft zij verklaard, bedreigd voelde. Zij heeft dit wapen met de munitie gedurende enige tijd bij zich gedragen. Het onbevoegd voorhanden hebben van een dergelijk wapen en van daarbij behorende munitie brengt een onaanvaardbaar risico voor de veiligheid van personen met zich. De rechtbank vindt dit een ernstig feit.
De persoon van verdachte
De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit het Justitieel Documentatieregister van 8 mei 2017 betreffende verdachte. Daaruit volgt dat verdachte in 2014 en 2015 met justitie in aanraking is gekomen, maar niet ter zake van soortgelijke feiten.
De rechtbank heeft kennisgenomen van een rapport van de Raad voor de Kinderbescherming van 6 juli 2017, opgemaakt door [F] , dat onder meer het volgende inhoudt. Er is sprake van een zeer zorgelijke situatie, waarbij verdachte zichzelf in gevaarlijke situaties heeft gebracht. Daarnaast is het feit waar verdachte van verdacht wordt, het in het bezit hebben (op straat) van een wapen met munitie, zeer zorgelijk.
De Raad is van mening dat het belangrijk is dat in de thuissituatie intensieve begeleiding van gezinsFACT door [naam instelling 1] wordt geboden om verdachte en haar moeder verder te begeleiden en te kijken naar de rol en mogelijkheden van vader, met name gericht op contact met verdachte. De Raad acht het niet wenselijk dat verdachte, een kwetsbaar meisje, uit haar thuisomgeving wordt gehaald nu ze daarin juist positieve stappen zet.
Verder is het volgens de Raad van belang dat verdachte individuele hulpverlening aangeboden krijgt, zo mogelijk binnen gezinsFACT dan wel [naam instelling 1] en anders bij [naam instelling 2] . Van belang is dat verdachte leert accepteren en verwerken wat zij in haar jonge leven heeft meegemaakt, dat zij vaardigheden aangeleerd krijgt om met haar emoties om te gaan en dat haar seksuele ontwikkeling aandacht krijgt. Om zicht te houden op alle andere risicofactoren en om de positieve lijn voort te kunnen zetten, acht de Raad Toezicht en Begeleiding en ITB Harde Kern (de rechtbank begrijpt dat hiermee wordt bedoeld ITB Plus) noodzakelijk. De strakke regels, de structuur en het toezicht maken dat er op dit moment veel zorgen weggenomen kunnen worden. Op gecontroleerde wijze zal aan de ouders en aan verdachte weer regie moeten worden gegeven, waarbij intensieve begeleiding nodig is. Ook kan er binnen Toezicht en Begeleiding en ITB Harde Kern aandacht zijn voor de vriendenkeuze en vrijetijdsbesteding van verdachte. Gezien de ernst van het delict acht de Raad een jeugddetentie op zijn plaats met een voorwaardelijk deel als forse stok achter de deur.
De rechtbank heeft verder kennisgenomen van het rapport van Samen Veilig Midden-Nederland van 7 juli 2017, opgemaakt door [G] . Dat rapport houdt onder meer het volgende in. Er is de laatste maanden veel onrust geweest in de thuissituatie, hetgeen behoorlijke impact op het functioneren van verdachte heeft gehad. Wanneer de situatie niet verandert, zal verdachte bedreigd worden in haar ontwikkeling wat betreft haar autonomie en het op gezonde wijze aangaan en vormgeven van relaties met anderen. Een onveilige thuissituatie kan eveneens nadelige gevolgen hebben voor de schoolgang en vrijetijdsbesteding van verdachte.
Samen Veilig adviseert de rechtbank een jeugddetentie voor de duur van het voorarrest op te leggen en een voorwaardelijk strafdeel. Daarnaast de maatregel Toezicht en Begeleiding waaraan de volgende bijzondere voorwaarden worden gekoppeld: 1) ITB Plus voor de duur van zes maanden, 2) behandeling bij [naam instelling 2] of een soortgelijke instelling en 3) intensieve gezinsbegeleiding.
ITB Plus wordt noodzakelijk geacht nu verdachte de afgelopen periode – de rechtbank begrijpt: ten tijde van de schorsing van de voorlopige hechtenis – onder strikte controle heeft gestaan door middel van elektronische controle en ITB Plus. Verdachte zal binnen ITB Plus weer moeten leren vrijheden te krijgen en hier goed mee om te gaan. Daarnaast zal ook moeder gesterkt moeten worden in haar rol als gezagsdrager, waarbij ITB Plus een passend middel is om dit stap voor stap op te bouwen. Behandeling van verdachte zal gericht moeten zijn op haar identiteitsontwikkeling, emotieregulatie en het verwerken van heftige gebeurtenissen. Intensieve gezinsbegeleiding wordt geadviseerd omdat Samen Veilig nog mogelijkheden ziet om de thuis- en opvoedingssituatie te verbeteren en het van belang is dat verdachte haar plek op school, hetgeen een goede en stabiele plek voor haar is, kan vasthouden.
Ter zitting van 11 juli 2017 is door deskundige [G] verklaard dat de maatregel ITB Plus hem, vergeleken met de overige geadviseerde voorwaarden, de mogelijkheid geeft tot meer toezicht op verdachte. Verdachte staat nu onder strikte controle en binnen de maatregel ITB Plus kunnen vrijheden en verantwoordelijkheden gefaseerd worden teruggegeven en, indien nodig, ook weer worden beperkt.
De straf
Voor het bepalen van de op te leggen straf heeft de rechtbank aansluiting gezocht bij het LOVS-oriëntatiepunt voor het voorhanden hebben van een vuurwapen, namelijk een jeugddetentie vanaf zes weken. Als strafverzwarende omstandigheden weegt de rechtbank mee dat verdachte bij dit wapen passende munitie voorhanden heeft gehad en dat zij het wapen en de munitie gedurende enige tijd bij zich heeft gedragen. In het voordeel van verdachte weegt de rechtbank mee dat het bewezen verklaarde haar in verminderde mate kan worden toegerekend.
Gelet op de ernst van het feit acht de rechtbank een vrijheidsbenemende straf passend en geboden. De rechtbank zal de officier van justitie volgen in zijn strafeis en verdachte een onvoorwaardelijke jeugddetentie opleggen die gelijk is aan de duur van het voorarrest. Daarnaast acht de rechtbank de oplegging van een voorwaardelijk strafdeel noodzakelijk, om verdachte er op die manier van te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te begaan. Alles afwegende is de rechtbank, anders dan de raadsvrouw, van oordeel dat een voorwaardelijk strafdeel van 28 dagen jeugddetentie passend is.
De rechtbank zal bij dit voorwaardelijk strafdeel de door de Raad en Samen Veilig geadviseerde bijzondere voorwaarden opleggen. Hoewel de indicatiecriteria voor ITB Harde Kern – die naar de rechtbank begrijpt hebben te gelden als interne criteria voor de Raad betreffende het al dan niet adviseren van ITB Harde Kern c.q. ITB Plus – niet allemaal op verdachte van toepassing zijn, staat dit er niet aan in de weg dat de rechtbank deze bijzondere voorwaarde kan opleggen. De rechtbank ziet met de deskundigen het belang van deze modaliteit nu verdachte reeds onder strenge controle staat, hier baat bij blijkt te hebben en een intensieve vorm van begeleiding nodig is om gefaseerd vrijheden en verantwoordelijkheden aan verdachte terug te geven. Naar het oordeel van de rechtbank kunnen de overige bijzondere voorwaarden daarin onvoldoende voorzien. Daarnaast acht de rechtbank de bijzondere voorwaarden van hulpverlening gericht op de thuissituatie zoals gezinsFACT, uitgevoerd door [naam instelling 1] en een individuele vorm van behandeling binnen gezinsFACT/ [naam instelling 1] dan wel [naam instelling 2] aangewezen.
Anders dan de raadsvrouw ziet de rechtbank geen aanleiding de proeftijd te verkorten tot de duur van één jaar, zodat zij een proeftijd van twee jaren zal vaststellen.