Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 november 2017 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
thans de minister van Justitie en Veiligheid,verweerder
Procesverloop
Overwegingen
alleaanstellingen dezelfde werkzaamheden zijn verricht. Anders dan bij toepassing van artikel 6, zesde lid, van het ARAR onderbreken verschillen in werkzaamheden en arbeidsvoorwaarden ten aanzien van opeenvolgende aanstellingen de keten van aanstellingen. Dat dit de bedoeling van de wetgever is geweest blijkt ook uit de wetsgeschiedenis bij de Wet Flexibiliteit en Zekerheid, waarbij artikel 7:668a, tweede lid, van het BW is ingevoerd. De rechtbank wijs op de brief van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 29 oktober 1997 aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal (Tweede Kamer, vergaderjaar 1997-1998, 25263, 33, p. 5). Hieruit volgt dat wil de (anti)draaideurbepaling van artikel 7:668a, tweede lid, van het BW van toepassing zijn, tijdens de opeenvolgende arbeidsovereenkomsten steeds hetzelfde werk moet zijn verricht: