Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
en [eiser 2], wonende te [woonplaats] , verzoekers
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, verweerder
(gemachtigde: drs. E.M. Korevaar).
Procesverloop
Op grond van artikel 6:19, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht is het tegen het besluit van 27 juni 2016 gerichte beroep van [eiser 1] mede gericht tegen het besluit van 3 november 2016. Ook [eiser 2] heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 3 november 2016. Het beroep van [eiser 2] en [eiser 1] (verzoekers) wordt behandeld onder zaaknummer UTR 16/3344.
Overwegingen
Beslissing
- wijst het verzoek om voorlopige voorziening af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekers tot een bedrag van € 742,50;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 334,- aan verzoekers te vergoeden.