Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting van 12 juni 2018;
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal sporenonderzoek, genummerd PL0900-2017039879-37, doorgenummerde pagina 8 e.v. (proces-verbaal II);
- een in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal van bevindingen (onderzoek wapen en munitie), genummerd PL0900-2017039879-69, doorgenummerde pagina 45 e.v. (proces-verbaal II).
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BESLAG
- een vuurwapen, merk Ithaca, model 1911 A1, kaliber .45 ACP;
- drie scherpe patronen, kaliber .45 ACP, merk IMI,
10.BENADEELDE PARTIJEN
- kleding en mobiele telefoon € 856,90
- immateriële schade € 30.000,00
- advocaatkosten € 9.343,62
- het opstellen van de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]: 1 punt
- het bijwonen van de terechtzitting van 10 januari 2018: 1 punt
- het bijwonen van de terechtzitting van 12 juni 2018: 1 punt
- immateriële schade € 25.000,00
- advocaatkosten € 10.514,90
- het opstellen van de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]: 1 punt
- het bijwonen van de terechtzitting van 10 januari 2018: 1 punt
- het bijwonen van de terechtzitting van 12 juni 2018: 1 punt
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
- een vuurwapen, merk Ithaca, model 1911 A1, kaliber .45 ACP;
- drie scherpe patronen, kaliber .45 ACP, merk IMI;
- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 25.806,90;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 februari 2017 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op dit moment begroot op € 2.085,00;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat
- wijst de vordering toe tot een bedrag van € 10.000,00;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 februari 2017 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten die de benadeelde partij heeft gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog zal maken, tot op dit moment begroot op € 2.085,00;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 10.000,00 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 7 februari 2017 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 85 dagen hechtenis;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;