ECLI:NL:RBMNE:2018:3876
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- S.C. Hagedoorn
- A. van Dijk
- R. in ’t Veld
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek tegen rechter en rechtbank Midden-Nederland
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. V.M.A. Sinnige en de gehele rechtbank Midden-Nederland in een strafzaak met parketnummer 16-126483-18. De wrakingskamer beoordeelde het verzoek op grond van artikel 512 Sv Pro.
De kamer stelde vast dat de rechter niet de behandelend rechter was in de genoemde zaak en dat de rechter in andere zaken met vergelijkbare parketnummers al een einduitspraak had gedaan vóór het wrakingsverzoek. Omdat wraking alleen mogelijk is zolang de rechter nog betrokken is bij de behandeling van de zaak, werd het verzoek tegen deze rechter niet-ontvankelijk verklaard.
Daarnaast is het wraken van de gehele rechtbank niet toegestaan volgens artikel 512 Sv Pro; alleen de met de zaak belaste rechters kunnen worden gewraakt. Dit deel van het verzoek was eveneens niet-ontvankelijk.
De wrakingskamer besloot daarom het verzoek geheel niet-ontvankelijk te verklaren, de procedure voort te zetten zoals die was op het moment van schorsing en wees een mondelinge behandeling van het verzoek af. De beslissing is onherroepelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter en de rechtbank is niet-ontvankelijk verklaard omdat de rechter al een einduitspraak heeft gedaan en het wraken van de gehele rechtbank niet mogelijk is.