ECLI:NL:RBMNE:2018:4288
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Beslissing niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek na einduitspraak rechtbank
Verzoekster diende een wrakingsverzoek in tegen de rechtbank naar aanleiding van een eerder gewezen einduitspraak van 25 juni 2018, waarbij haar beroep ongegrond werd verklaard. De wrakingskamer overwoog dat wraking slechts mogelijk is tegen een individuele rechter die nog betrokken is bij de behandeling van een zaak. Omdat de einduitspraak de behandeling van het beroep heeft beëindigd, is wraking op dat moment niet meer mogelijk.
De wrakingskamer stelde vast dat het verzoek werd ingediend na de einduitspraak en dat de rechter het beroep niet meer behandelde toen het verzoek werd ingediend. Hierdoor was het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk. Gezien deze niet-ontvankelijkheid werd afgezien van een mondelinge behandeling.
De wrakingskamer besloot het verzoek tot wraking niet-ontvankelijk te verklaren en droeg de griffier op de beslissing toe te zenden aan verzoekster, de gewraakte rechter en de relevante functionarissen van de rechtbank. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard omdat het na de einduitspraak is ingediend.