Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Federatie Nederlandse Vakbeweging ( FNV ) , te Utrecht , eiseres
2.[eiser sub 2] , te [woonplaats] , eiser
3.[eiser sub 3] , te [woonplaats] , eiser
[naam derde-partij], te [vestigingsplaats] ,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 20 december 2018 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin de Federatie Nederlandse Vakbeweging en individuele eisers beroep instelden tegen het besluit van UWV tot ontbinding van een regionale cliëntenraad.
UWV had de cliëntenraad ontbonden op grond van een vangnetbepaling in de Regeling cliëntenparticipatie UWV 2012, omdat er al langere tijd sprake was van ernstige interne problemen en disfunctioneren binnen de raad. Eisers voerden aan dat de regeling geen grondslag bood voor ontbinding van de gehele raad en dat UWV niet in redelijkheid tot het besluit kon komen.
De rechtbank stelde vast dat de regeling alleen voorziet in beëindiging van individuele lidmaatschappen, maar dat de vangnetbepaling UWV bevoegdheid geeft om in gevallen waarin de regeling niet voorziet, te besluiten tot ontbinding van de gehele raad in goed overleg met de centrale cliëntenraad. De rechtbank oordeelde dat UWV niet lichtvaardig heeft gehandeld en dat de ontbinding gerechtvaardigd was gezien de langdurige ontwrichte situatie, het disfunctioneren en het ontbreken van perspectief op verbetering.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak bevestigt dat UWV onder omstandigheden de gehele cliëntenraad kan ontbinden als het functioneren ernstig en duurzaam is verstoord.
Uitkomst: Het beroep tegen de ontbinding van de regionale cliëntenraad door UWV wordt ongegrond verklaard.